Agrarisch onderwijs moet degelijkheid bieden
Voor goedlopende AOC’s is degelijk en aantrekkelijk onderwijs nodig, betoogt Rob Merkelijn. Hij bestrijdt dat de terugloop van het aantal leerlingen op AOC’s (agrarische onderwijscentra) komt door een slecht imago van de veehouderij.
In het Agrarisch Dagblad van donderdag 31 mei stond een artikel met de kop Landbouwscholen lopen leeg. Dit zou komen door het slechte imago van vooral de primaire sectoren als veehouderij en tuinbouw. Jammer toch dat veel berichtgeving over het agrarisch onderwijs, zelfs in het Agrarisch Dagblad, blijft steken in dergelijke algemeenheden. En dan de term landbouwscholen, die in de kop wordt gebruikt: redactie, we leven niet meer in het stenen tijdperk... Het klopt wel dat het totaal aantal leerlingen voor bijvoorbeeld veehouderij in Nederland terugloopt. Maar de conclusie dat dit komt door een slecht imago van de sector is volgens mij niet waar. Ook de conclusie dat op alle AOC’s (agrarische opleidingscentra) het aantal veehouderij-leerlingen terugloopt is onjuist! In Barneveld groeit het aantal leerlingen veehouderij, zowel melkvee als varkenshouderij, en ook loonwerk groeit de laatste jaren gestaag. Als het algemene imago geen reden van terugloop is, wat is er dan wel aan de hand? Misschien een gebrek aan banen, die aansluiten bij de mbo-opleidingen? Juist voor de primaire takken als veehouderij en loonwerk is dat niet zo: de leerlingen die vanuit Barneveld niet doorstromen naar de HAS, hebben voordat ze van school zijn al een goede baan als medewerker of bedrijfsleider. Of in de periferie daarvan zoals agrarische handel, voorlichting of mechanisatie . Zou het ook zo kunnen zijn dat potentiële leerlingen (en hun ouders!) redeneren dat ze net zo goed een havo of een economische opleiding aan een ROC kunnen volgen, omdat de kwaliteit van sommige AOC’s achteruit is gegaan? En dat de AOC’s zich te veel richten op dierverzorging, omdat dat meer leerlingen oplevert?
Een school die bijvoorbeeld besluit om leerlingen veehouderij les te geven samen met leerlingen dierverzorging, jaagt wel de veehouders de school uit: ratten zijn geen koeien. En ook een al te grote vernieuwingsdrang resulteert op sommige scholen in oppervlakkige opdrachten . Daarom lijkt het mij goed om als agrarisch onderwijs, samen met het agrarische bedrijfsleven, de schouders eronder te zetten om degelijke, maar ook voor leerlingen aantrekkelijke opleidingen neer te zetten. Opleidingen waar het bij veehouderij gaat om koeien, varkens, kippen en ondernemen. Leuke zaken als koesignalen, doe-het-zelf-K.I. , veebeoordelen, melkdiploma en (buitenlandse) stage. En waar het gaat om managementvaardigheden . Hierbij aan de scholen en de docenten de taak om deskundigheid in huis te hebben. En de leerstof afwisselend, maar wel diepgaand aan te bieden! En u veehouders : laat u geen negatief imago aanpraten?
Rob Merkelijn, teamleider afdeling veehouderij/loonwerk Groenhorst College, Barneveld
Uit: Agrarisch Dagblad, 7-6-2007